DNV heeft voor A+O fonds Gemeenten de geleerde lessen en succesverhalen vastgelegd. Om ervaringen tussen gemeenten te delen. Zodat er geen kennis verloren gaat en het wiel niet opnieuw uitgevonden hoeft te worden. Geleerde lessen vinden zo snel hun weg door heel Nederland.

A+O fonds Gemeenten
De Stichting Arbeidsmarkt en Opleidingsfonds (A+O fonds) Gemeenten is in 1993 door de Sociale Partners in deze sector opgericht. Met dit fonds bevorderen en ondersteunen sociale partners vernieuwende activiteiten in de sector op het gebied van arbeidsmarkt en HRM-beleid.
Stimuleringsregeling 'Vernieuwende Projecten'
Deze regeling van het A+O fonds biedt gemeenten de mogelijkheid om subsidie aan te vragen voor innovatieve projecten op het terrein van HRM en/of de gemeentelijke arbeidsmarkt in de periode 2007-2010. Met als doel innovatie op het terrein van HR en de gemeentelijke arbeidsmarkt te stimuleren.
Innovatie vraagt om reflectie
Bij innovatieve projecten is het vooraf niet voorspelbaar wat de uitkomst van het project is. Het gaat vaak om het verkennen van nog niet eerder betreden paden. Het leren van de ervaringen en het delen van de leerpunten zou wat het A+O fonds centraal moeten staan. De praktijk leert echter dat binnen het uitvoeren van een project niet altijd de tijd en ruimte wordt genomen om te reflecteren en te leren. Ook is er niet altijd oog voor derden die profijt kunnen hebben van de leeropbrengst van een project. Daarom heeft het A+O fonds aan DNV gevraagd om de projecten zodanig te bewaken dat er maximaal geleerd wordt.
DNV bewaakt dat er geleerd wordt
Hoewel elk project verschillend is, neemt DNV bij elk project wel altijd de volgende stappen:
- Voorverkenning van de subsidiedossiers om daarmee een beter zicht te krijgen op de diverse soorten projecten. Op basis van de resultaten van de voorverkenning en ervaringen met vergelijkbare opdrachten wordt een voorstel gedaan voor het verzamelen, analyseren en aanbieden van kennis en ervaring.
- Vervolgens worden startgesprekken gevoerd met de nieuwe projecten. Hierin wordt vastgesteld welke leerinstrumenten ingezet worden. De keuze hiervoor hangt sterk af van de aard van de projecten, hun projectorganisatie en uiteindelijk de kennisvragen.
- Naast het vastleggen en verspreiden van kennis via (web)publicaties, wordt ook aandacht besteed aan het delen van kennis in bijeenkomsten, o.a. tijdens het jaarlijkse A+O congres. Met extra aandacht voor het opbouwen van een relatie tussen ‘kennisdonor’ en kennisontvanger.
- Het monitoren van de gesubsidieerde projecten levert een eindrapportage per project op, een artikel voor het A+O Magazine, een tekst voor de website en een aanvulling op de rapportage van het project. Waarbij aandacht is voor proces, valkuilen, overdraagbare zaken en tips voor andere gemeenten.
Voorbeeld innovatief project: Ideeëncentrale
Vier gemeenten hebben in het initiatief genomen om hun ervaringen met ideeënmanagement te bundelen. Zo is er een plek ontstaan waar ideeën tussen gemeenten worden uitgewisseld. Zij hebben de site www.ideeëncentrale.nl gelanceerd en betrekken nu ook andere gemeenten bij dit succesvolle project. Bij dit voorbeeld heeft DNV de kennis van projectleden geëxtraheerd, kennisdeel-bijeenkomsten georganiseerd en een artikel geschreven voor de A+O fonds website.
